Water
Zoet en zout, vriend en vijand
600 voor Christus – 2008
De Friezen hebben sinds 1597 eeuwenlang een eigen admiraliteit gehad, een marine. Deze vloot lag eerst in Dokkum en verhuisde later naar Harlingen. De admiraliteit was een soort van douane, maar ook een heuse kleine oorlogsvloot. Echter, de grootste vijand van Fryslân was meestal het water zelf. Altijd weer dreigden er overstromingen. Maar in de 16e eeuw begonnen de Friezen ook steeds meer de voordelen van het water te zien. Vaarten en kanalen werden gegraven en daardoor konden de elf steden zich ontwikkelen.
lees meer»